Stel Newsbit in als voorkeursbron
Zie onze artikelen vaker bovenaan in Google Nieuws en Top Stories. Eén keer instellen, altijd als eerste op de hoogte.
De vlammen van de Iran-oorlog slaan weer op en de olieprijs klimt mee omhoog. Dat wakkert de inflatievrees aan, en de markten houden nu rekening met één of twee renteverhogingen van de Amerikaanse centrale bank dit jaar waar ze tegelijk als de dood voor zijn.
Maar heeft zo’n renteverhoging eigenlijk wel het gevreesde effect op de markten?
Crypto-analist Matthew Hyland veegt de vloer aan met wat hij ”valse bearish” verhalen noemt.
“Markten kunnen honderd procent stijgen terwijl olie stijgt. Stijgende olie betekent niet dat alles moet crashen. Renteverhogingen ook niet. Kwantitatieve verkrapping ook niet.”
Tijd om de cijfers in te duiken.
Vermogensbeheerder Truist onderzocht twaalf verkrappingscycli van de Amerikaanse centrale bank (Federal Reserve). In elf daarvan steeg de S&P 500, met gemiddeld 9,4 procent per jaar.
Deutsche Bank telde sinds 1955 dertien cycli van renteverhogingen en kwam op een gemiddelde winst van 7,7 procent in het eerste jaar.
Keith Lerner, co-hoofd beleggingsstrategie bij Truist, verklaarde dat eerder zo:
“Aandelen zijn over het algemeen gestegen in periodes waarin de Fed-rente steeg, omdat dit normaal gesproken samengaat met een gezonde economie en stijgende winsten.”
Het draait dus om het waarom: een centrale bank verhoogt de rente meestal juist omdat de economie op volle toeren draait. Tussen 2004 en 2006 ging de rente in zeventien stapjes van 1 naar 5,25 procent. In die periode klommen de beurzen gewoon door.
Ook voor crypto gaat het verhaal op. In 2017 verhoogde de Federal Reserve drie keer de rente en begon ze met kwantitatieve verkrapping. Daarbij laat de centrale bank haar opgekochte obligaties aflopen, waardoor er geld uit het systeem verdwijnt.
Bitcoin (BTC) knalde dat jaar van zo’n 1.000 naar bijna 20.000 dollar.
De vorige bullmarkt begon zelfs midden in het strengste beleid in decennia. In maart 2024 brak Bitcoin door de 73.000 dollar, terwijl de rente met 5,25 tot 5,50 procent op het hoogste niveau in ruim twintig jaar stond en de eerste renteverlaging nog ver weg was.
Tussen de bodem van eind 2022 en dat record haalde de Fed zo’n 1.500 miljard dollar van haar balans, en toch werd Bitcoin ruim vier keer zo duur. De S&P 500 boekte in 2023 een winst van zo’n 24 procent, terwijl de centrale bank dus geld uit het systeem zoog.
Het is dus niet zo zwart-wit als wat veel investeerders denken.
Niet automatisch. Opnieuw draait het om het waarom.
Trekt een groeiende wereldeconomie de vraag naar olie omhoog, dan stijgen aandelen en crypto vaak mee. Valt juist het aanbod weg, door oorlog of productie-ingrepen, dan werkt dure olie wel als rem op de economie.
Econoom Lutz Kilian toonde dat in 2009 al aan in een veelgeciteerde studie: vraaggedreven olieprijsstijgingen gaan samen met stijgende beurzen, aanbodschokken niet. Tussen 2003 en 2007 werd olie ruwweg drie keer zo duur, terwijl de S&P 500 bijna verdubbelde.
En daar zit nu de wrijving. De huidige klim komt niet uit een groeiende vraag, maar uit een wegvallend aanbod door de geblokkeerde Straat van Hormuz. De Fed kan zich genoodzaakt voelen om de rente te verhogen, terwijl er dus geen bloeiende economie onder zit.
Maar voor het risicoklimaat maakt het volgens Hyland niet zoveel uit wat er onder de motorkap gebeurt. Of olie nu stijgt door vraag of door aanbod, en of de rente nu omhoog of omlaag gaat: de markt kan in beide gevallen risk-on blijven.
Waar Hyland vooral op let, zijn zijn eigen risico-ratio’s. Die draaien nu net als in 2020 en 2016 weer richting een bullmarkt. Daardoor heeft hij hoge verwachtingen van de markten en het maakt volgens hem dan niet zo veel uit wat de centrale banken precies in petto hebben.
Hij leunt daarvoor op een hele reeks grafieken. Bijvoorbeeld de inkoopmanagersindex (PMI), een maandelijkse peiling die de temperatuur van de Amerikaanse economie meet. En de verhouding tussen koper en goud, want stijgt koper harder dan goud, dan kiezen beleggers voor groei in plaats van veiligheid.
Nu die grafieken omhoog draaien, ziet Hyland de grootste kans voor crypto sinds 2016 en 2020. De magere jaren die de markt heeft gehad wijt hij niet aan de sector zelf, maar aan dat ongunstige macroklimaat.
Ook de brede markt geeft hem gelijk, vindt Hyland. 2026 is een midterm-jaar in de Verenigde Staten en dat is historisch de zwakste periode van de vierjarige beurscyclus. Aandelen boeken dan gemiddeld de magerste winst, met tussentijdse dalingen van gemiddeld zo’n 19 procent.
Veel analisten rekenden daarom op een lastig beursjaar. In plaats daarvan zetten de aandelenmarkten goede resultaten neer en dat komt volgens Hyland door het risicoklimaat dat nu weer terug begint te keren. En hij gebruikt dat ook als reden waarom Bitcoin in de huidige bearmarkt veel minder hard is gedaald dan in eerdere cycli.
Hyland verwacht dat Bitcoin ergens in de toekomst opnieuw een heftige bearmarkt met een daling van meer dan 70 procent tegemoet gaat zodra diezelfde risico-ratio’s wél omdraaien. Maar nu kunnen we ons volgens hem opmaken voor een aantal hele sterke jaren.
De Bitcoin koers daalt, terwijl de olieprijs rond de 100 dollar per vat bungelt en Trump steeds wanhopiger acteert.
De rente-ingreep van het Amerikaanse ministerie van Financiën leidt, verrassend genoeg, tot een grote daling op de cryptomarkt. Lees meer.
Block wil met Builders Bank een eigen cryptobank starten voor het bewaren en beheren van Bitcoin, stablecoins en andere digitale activa.
Een Brit dacht zijn Bitcoin voorgoed kwijt te zijn, maar krijgt vijftien jaar later alsnog een vermogen van 4,5 miljoen dollar terug.
Biotechs die zich richten op haaruitval presteren extreem sterk op Wall Street, en stegen in sommige gevallen met honderden procenten.
Grote beleggers verkleinen hun afhankelijkheid van de VS. Vier opvallende signalen wijzen deze week op een bredere verschuiving.