Stel Newsbit in als voorkeursbron
Zie onze artikelen vaker bovenaan in Google Nieuws en Top Stories. Eén keer instellen, altijd als eerste op de hoogte.
De olieprijs is woensdag verder gedaald en heeft daarmee het laagste niveau bereikt sinds het uitbreken van de oorlog tussen de Verenigde Staten, Israël en Iran eind februari. Beleggers lijken zich steeds minder zorgen te maken over verstoringen van de wereldwijde olieaanvoer, terwijl ook positieve ontwikkelingen rond de strategisch belangrijke Straat van Hormuz voor opluchting zorgen op de energiemarkt.

Brentolie, de internationale benchmark, daalde met bijna twee procent tot 75,81 dollar per vat. Daarmee staat de olieprijs op het laagste niveau sinds 27 februari, een dag voordat het conflict met Iran begon. Ook Amerikaanse WTI-olie verloor terrein en zakte naar ongeveer 72 dollar per vat.
Tijdens het conflict hielden beleggers rekening met mogelijke verstoringen van de olie-export uit het Midden-Oosten. Vooral de Straat van Hormuz stond daarbij centraal. Via deze smalle doorgang tussen Iran en Oman wordt een aanzienlijk deel van de wereldwijde oliehandel vervoerd.
Nu de spanningen afnemen en de vaarroute mogelijk weer volledig wordt geopend, verdwijnt een belangrijke risicopremie uit de olieprijs. Volgens de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) kunnen meer dan 11.000 vastgelopen zeevarenden binnenkort de regio verlaten nadat veiligheidsgaranties zijn afgegeven.
IMO-topman Arsenio Dominguez verklaarde dat de organisatie de omstandigheden voor veilige doorvaart zorgvuldig heeft gecontroleerd. De operatie wordt uitgevoerd in samenwerking met Iran, Oman, de Verenigde Staten en andere landen in de regio.
Ook logistieke bedrijven verwachten verlichting. Door de blokkades in de Straat van Hormuz liepen transporttijden op en ontstonden knelpunten in internationale toeleveringsketens. Met de heropening van de route zouden die problemen geleidelijk moeten afnemen.
Ondanks de scherpe daling van de olieprijs vindt Donald Trump dat consumenten daar nog onvoldoende van profiteren. Op zijn platform Truth Social beschuldigde hij grote oliemaatschappijen ervan de brandstofprijzen kunstmatig hoog te houden.
Volgens Trump dalen de kosten voor ruwe olie veel sneller dan de prijzen die automobilisten aan de pomp betalen. Hij stelde daarom het Amerikaanse ministerie van Justitie te hebben opgedragen onderzoek te doen naar mogelijke prijsopdrijving.
Energie-experts plaatsen echter vraagtekens bij die kritiek. Karen Young van het Center on Global Energy Policy van Columbia University noemt de uitspraken vooral politieke retoriek. Volgens haar duurt het doorgaans enkele weken voordat lagere olieprijzen volledig worden doorberekend via raffinaderijen naar de consument.
Een dalende olieprijs wordt vaak gezien als positief voor consumenten en bedrijven. Lagere energie- en transportkosten kunnen de inflatie afremmen en de druk op huishoudbudgetten verlichten.
Voor financiële markten is de ontwikkeling eveneens belangrijk. De olieprijs geldt als een belangrijke indicator voor economische verwachtingen en inflatie. Nu de spanningen rond Iran afnemen, verschuift de aandacht van beleggers weer naar economische groei, renteverlagingen en de vooruitzichten voor de wereldeconomie.
Micron stijgt op Wall Street, terwijl werknemers in Taiwan dreigen met een staking en een groter aandeel in de winst eisen.
SpaceX wil toekomstige winsten gebruiken voor groei. Daardoor hoeven beleggers voorlopig niet te rekenen op dividend.
SoFi zet zijn betaalkaarten op blockchain met stablecoin SoFiUSD en Mastercard. Het aandeel reageert met een duidelijke koersstijging.
India wil digitale centrale bankmunten koppelen voor betalingen binnen BRICS en zo de afhankelijkheid van de Amerikaanse dollar verkleinen.
Saudi-Arabië stopt volgende maand met olieleveringen aan Europa na een droneaanval op een belangrijke pijpleiding richting de Rode Zee.
Het grote Morgan Stanley waarschuwt voor een pittige beurscorrectie. Moeten we ons zorgen maken over de S&P 500 en Nasdaq?