Bitpanda: Aandelen, crypto, grondstoffen en edelmetalen in 1 app
Bitpanda: Ontvang
€15 aan zilver gratis
De wereldwijde olievoorraden slinken in hoog tempo door de oorlog met Iran, die de aanvoer uit de Perzische Golf ernstig verstoort. Daarmee verdwijnt het vangnet dat de oliemarkt normaal beschermt tegen plotselinge tekorten.
De snel slinkende voorraden betekenen dat het risico op extreme prijspieken en tekorten steeds groter wordt. Regeringen en bedrijven hebben minder mogelijkheden om de gevolgen op te vangen van het verlies van meer dan een miljard vaten olie sinds de bijna volledige sluiting van de Straat van Hormuz, twee maanden geleden.
Door de scherpe daling blijft de markt ook langer kwetsbaar voor toekomstige verstoringen, zelfs nadat het conflict is afgelopen.
Volgens schattingen van Morgan Stanley daalden de voorraden tussen 1 maart en 25 april met ongeveer 4,8 miljoen vaten per dag. Dat is de sterkste daling ooit gemeten over een kwartaal, gebaseerd op data van het Internationaal Energieagentschap.
Het grootste deel van die afname komt voor rekening van ruwe olie, goed voor bijna 60 procent. De rest bestaat uit geraffineerde producten zoals benzine en diesel.
Volgens analisten is er bovendien een kritische grens waar de markt rekening mee moet houden. Het oliesysteem heeft namelijk een minimale hoeveelheid voorraad nodig om goed te blijven functioneren. Dat zogeheten operationele minimum is het punt waarop pijpleidingen, opslagtanks en exportterminals nog net kunnen draaien. Die grens ligt ruim boven nul, benadrukt Natasha Kaneva, hoofd grondstoffenresearch bij JPMorgan.
“Voorraden fungeren als schokdemper van het wereldwijde oliesysteem,” zegt Kaneva. “Maar niet elk vat is daadwerkelijk beschikbaar voor gebruik.”

Volgens Goldman Sachs is de afname de afgelopen dagen iets afgevlakt, mede door zwakkere vraag uit China. Als grootste olie-importeur ter wereld speelt China een sleutelrol. Minder vraag betekent dat er tijdelijk meer aanbod beschikbaar is voor andere markten.
Toch blijven de voorraden historisch laag. Goldman Sachs wijst erop dat de zichtbare wereldwijde olievoorraden inmiddels dicht bij het laagste niveau sinds 2018 liggen.
De eerste knelpunten ontstaan in Azië, waar meerdere landen sterk afhankelijk zijn van geïmporteerde brandstoffen. Volgens handelaren zijn vooral Indonesië, Vietnam, Pakistan en de Filipijnen kwetsbaar. In deze landen kunnen de voorraden al binnen enkele weken richting kritieke niveaus zakken. Grotere economieën in de regio, met name China, beschikken voorlopig nog over voldoende reserves.
Ook in Europa neemt de druk toe. Vooral de voorraden kerosine slinken snel, juist nu het zomerseizoen voor de luchtvaart begint. Sommige analisten waarschuwen dat deze voorraden al in juni kritieke niveaus kunnen bereiken.
Volgens Natasha Kaneva van JPMorgan kunnen de olievoorraden in OESO-landen al begin volgende maand onder zogeheten stressniveaus komen, als de Straat van Hormuz gesloten blijft. Tegen september dreigt zelfs het operationele minimum in zicht te komen. Dat is het punt waarop het wereldwijde oliesysteem nog maar net blijft functioneren.
De Verenigde Staten zijn uitgegroeid tot de leverancier in laatste instantie voor de wereld. Het land heeft zijn eigen voorraden ruwe olie en brandstoffen al onder de historische gemiddeldes gedrukt door de stijgende export. De Amerikaanse ruwe-olievoorraden, inclusief de strategische voorraad van het land, daalden volgens overheidsgegevens vier weken op rij. De voorraden distillaten zoals diesel en kerosine stonden eind vorige week op het laagste niveau sinds 2005. De benzinevoorraad zit dichtbij het laagste seizoensniveau sinds 2014.
Hoewel Amerikaanse oliebedrijven hun productie hebben opgevoerd, waarschuwen bestuurders dat de voorraden op korte termijn waarschijnlijk verder dalen. Zelfs als de Straat van Hormuz weer opengaat, keren de productie en scheepvaart in de Golf voorlopig niet terug naar normale niveaus. Dat betekent dat brandstofgebruikers nog dieper in hun reserves moeten putten.
Het conflict heeft de prijzen van fysieke ruwe olie en belangrijke brandstoffen al fors opgedreven. Dat dreigt de inflatie aan te wakkeren en het risico op een wereldwijde recessie te vergroten. India kampt al met tekorten aan vloeibaar petroleumgas, oftewel LPG. Luchtvaartmaatschappijen schrappen vluchten en autobestuurders zien hun benzineprijs door het dak gaan.
De wereldwijde olieconsumptie is al fors gedaald, deels door verstoorde aanvoer en deels door de hoge prijzen. Naarmate de voorraden dichter bij kritieke niveaus komen, waarschuwen analisten en handelaren dat de prijzen verder moeten stijgen om voldoende vraag uit de markt te drukken zodat het evenwicht terugkeert.
In de meeste Aziatische landen lopen de voorraden hard terug door het wegvallen van Midden-Oosterse olie, maar in een aantal sleuteleconomieën blijven de voorraden op peil. China en Zuid-Korea zitten er zo comfortabel bij dat ze overwegen om de export van geraffineerde producten te hervatten, die eerder werd beperkt. De voorraden in brandstofopslagcentrum Singapore lagen recent boven de seizoensgemiddelden. Volgens onderzoeksbureau Kayrros, dat satellietbeelden analyseert, namen de Chinese voorraden ruwe olie tijdens de oorlog zelfs toe.
Buiten China zijn de voorraden in de Aziatisch-Pacifische regio hard geraakt. Sinds het begin van het conflict zijn ze daar met ongeveer 70 miljoen vaten teruggelopen. Volgens Kayrros staan de voorraden in Japan en India op een seizoensdieptepunt van minstens tien jaar, met dalingen van respectievelijk 50 procent en 10 procent sinds het begin van de oorlog.
In Europa staat vooral de kerosinevoorraad onder druk. De voorraden in het belangrijke Amsterdam-Rotterdam-Antwerpen-gebied (ARA) zijn sinds het begin van de oorlog met een derde gedaald tot het laagste niveau in zes jaar. Dat blijkt uit gegevens van Insights Global, dat informatie verzamelt bij opslagterminals.
“Sinds februari zien we een gestage daling van kerosinevoorraden,” zegt Lars van Wageningen van Insights Global. “Andere regio’s zoals Azië en Australië hebben deze brandstof ook hard nodig, waardoor er wereldwijd concurrentie ontstaat om de beschikbare volumes. Dat drijft de prijs op.”
Op korte termijn is er nog voldoende aanbod, maar de vraag in de zomer kan de voorraden snel verder uitputten. Volgens Van Wageningen bestaat het risico dat de reserves binnen enkele maanden sterk teruglopen. Vooral landen als het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk zijn kwetsbaar door hun grote luchtvaartsector en beperkte eigen productie.
Regeringen hebben inmiddels afgesproken om gezamenlijk 400 miljoen vaten olie vrij te geven uit hun strategische reserves, onder coördinatie van het Internationaal Energieagentschap. Toch verloopt dat proces traag. De Verenigde Staten hebben tot nu toe slechts 79,7 miljoen vaten vrijgegeven van de toegezegde 172 miljoen. Daarmee probeert het land een balans te vinden tussen het ondersteunen van de wereldmarkt en het beschermen van de eigen voorraden. Bij volledige uitvoering zou de Amerikaanse strategische reserve dalen naar het laagste niveau sinds 1982.
Ook in Europa worden stappen gezet. Duitsland biedt opnieuw ruwe olie en kerosine aan die eerder geen afnemers vonden en zegt extra maatregelen te nemen als de tekorten verder oplopen.
Daarmee staan regeringen voor een lastig dilemma. Extra vrijgave van reserves kan de prijzen tijdelijk drukken, maar verkleint tegelijk de buffer voor toekomstige schokken. Bovendien zal de druk op de markt op langere termijn juist toenemen. Zodra de Straat van Hormuz weer opengaat, zullen landen en bedrijven hun voorraden snel willen aanvullen, wat opnieuw prijsdruk kan veroorzaken.
De Amerikaanse beurs blijft nieuwe records boeken tijdens de enorme techrally. Waar gaat dit eindigen voor de AI-economie?
Xi waarschuwt Trump in Peking voor ‘botsing’ bij verkeerd omgaan met Taiwan. Tegelijk belooft Xi Amerikaanse bedrijven verdere opening Chinese markt.
Saudi-Arabische olieproductie is met 42 procent gedaald sinds februari naar 6,3 miljoen vaten per dag, het laagste niveau sinds de Golfoorlog.
MSC laat zijn grote containerschepen de Straat van Hormuz mijden door in Jeddah te lossen. Vrachtwagens overbruggen vervolgens 1.300 kilometer over land.
Met 1.000 euro in ASML-aandelen een jaar geleden had je nu ongeveer 2.100 euro. Het aandeel verdubbelde door aanhoudende AI-vraag.
Eerst min 10 procent, nu in de plus: olieprijs reageert direct op WSJ-bericht dat Iran het Hormuz-voorstel afwijst.