Bitpanda: Aandelen, crypto, grondstoffen en edelmetalen in 1 app
Bitpanda: Ontvang
€15 aan zilver gratis
De belangrijkste centrale banken ter wereld lijken deze week op de pauzeknop te drukken. De Amerikaanse Federal Reserve, Europese Centrale Bank, Bank of Japan, Bank of Canada en Bank of England nemen allemaal een rentebesluit, maar de kans op directe renteverhogingen lijkt klein.
De reden daarvoor is de grote onzekerheid rond de oorlog in de Golfregio. De energieprijzen bewegen heftig, mede door berichten van Donald Trump op Truth Social en reacties vanuit Iran. Daardoor is het voor centrale bankiers lastig om in te schatten hoe groot de impact op inflatie en economische groei uiteindelijk wordt.
Volgens economen is het daarom logisch dat centrale banken voorlopig kiezen voor afwachten. Een hogere olieprijs kan de inflatie opnieuw aanjagen, maar tegelijkertijd ook de economische groei raken. Dat maakt de situatie ingewikkeld. Centrale banken willen inflatie bestrijden, maar niet onnodig hard op de rem trappen als de economie al verzwakt.
De huidige situatie roept pijnlijke herinneringen op aan 2021 en 2022. Toen dachten veel centrale banken aanvankelijk dat de inflatie tijdelijk zou zijn, waarna de prijsdruk veel hardnekkiger bleek dan verwacht. Achteraf kregen ze het verwijt dat ze te laat ingrepen.
Die ervaring hangt nu boven de markt. Centrale banken willen voorkomen dat ze opnieuw te langzaam reageren op een inflatieschok. Tegelijkertijd is nog onduidelijk of de huidige stijging van de energieprijzen tijdelijk is, of juist het begin van een grotere economische schok.
Daarom kijken beleidsmakers minder naar één centrale verwachting en meer naar verschillende scenario’s. In het ene scenario blijft de oorlog beperkt en zakken olie- en gasprijzen weer terug. In het andere scenario blijft energie duur, loopt de inflatie verder op en raken consumenten en bedrijven opnieuw gewend aan hogere prijsstijgingen.
Voor de Europese Centrale Bank is de situatie bijzonder gevoelig. Europa is kwetsbaar voor hogere energieprijzen, omdat het relatief afhankelijk is van import. Tegelijkertijd staat de ECB er volgens sommige economen beter voor dan andere centrale banken, omdat de inflatie in de eurozone eerder is teruggebracht richting 2 procent.
Toch prijzen financiële markten inmiddels twee renteverhogingen door de ECB in voor dit jaar. Dat laat zien hoe snel de stemming is gedraaid. Waar beleggers eerder vooral nadachten over renteverlagingen, verschuift de aandacht nu opnieuw naar inflatierisico’s.
De ECB zelf lijkt echter geen haast te hebben. Zolang niet duidelijk is hoe lang de oorlog duurt en hoe groot de energieschok wordt, wil de centrale bank waarschijnlijk eerst meer data zien. Een serieus oordeel over de noodzaak van extra renteverhogingen komt mogelijk pas in juni of later.
Ook in de Verenigde Staten wordt een rentepauze verwacht. De Federal Reserve beslist woensdag en de markt rekent vrijwel volledig op een ongewijzigde beleidsrente van 3,50 tot 3,75 procent.
Voor de Fed is de situatie lastig. De Amerikaanse inflatie ligt nog altijd boven de doelstelling van 2 procent, terwijl de arbeidsmarkt al tekenen van verzwakking liet zien. Een nieuwe energieschok kan de inflatie verder opstuwen, maar een te strenge beleidsreactie kan de economie juist extra schade toebrengen.
Sommige Fed-bestuurders waarschuwen inmiddels dat herhaalde prijsschokken gevaarlijk kunnen worden. Niet alleen de oorlog speelt daarbij een rol, maar ook het handelsbeleid van Trump. Als huishoudens en bedrijven gaan geloven dat hoge inflatie blijvend is, kan die verwachting zichzelf gaan versterken.
In Japan was de markt tot voor kort nog voorbereid op een mogelijke renteverhoging door de Bank of Japan. Inmiddels is die kans sterk gedaald. Japan is als grote energie-importeur kwetsbaar voor hogere olie- en grondstoffenprijzen, zeker omdat die ook belangrijk zijn voor de Japanse industrie.
De verwachting is dat de Bank of Japan de inflatieraming verhoogt, maar tegelijkertijd de groeivooruitzichten verlaagt. Dat past bij het klassieke probleem van een energieschok. Prijzen stijgen, terwijl de economie juist onder druk komt te staan.
Ook de Bank of England lijkt voorzichtiger te zijn geworden. In maart leek een renteverhoging nog bespreekbaar, maar na recente signalen van gouverneur Andrew Bailey rekenen handelaren daar nauwelijks nog op. Ook hier geldt dat beleidsmakers eerst willen weten of de huidige situatie lijkt op 2022, of dat het om een tijdelijke schok gaat.
In principe is dat gunstig voor Bitcoin en andere risicobeleggingen. Het oplopen van de inflatie zorgt namelijk voor een lagere reële rente, zolang centrale banken niet ingrijpen.
De reële rente krijg je door de inflatie(verwachtingen) van de marktrentes op staatsobligaties af te halen. Als de inflatie stijgt en de rentes gelijk blijven, zoals nu het geval lijkt, daalt de reële rente.
In feite betekent die daling dat investeerders minder verdienen op staatsleningen, en gedwongen worden om meer risico te nemen om rendement te halen.
Bitcoin whales bouwen longposities terwijl shorts domineren. Dit kan leiden tot een short squeeze en snelle stijging van de Bitcoin koers.
Peter Schiff, een bekende criticus van Bitcoin en voorstander van goud, heeft opnieuw stevige kritiek geuit op Strategy.
De Bitcoin koers stijgt, maar de euforie en overtuiging in de markt ontbreekt volledig. Waarom rekent de markt nu op koersdalingen?
Heeft China lak aan de Amerikaanse blokkade van de Straat van Hormuz? Wat heeft dit te betekenen voor het conflict en de markten?
De scheepvaart door Hormuz is opnieuw tot stilstand gekomen nadat de VS voor het eerst een Iraans schip in beslag namen. De olieprijs stijgt.
Iraanse schepen omzeilen de Amerikaanse blokkade van Hormuz via een nieuwe route langs de VAE. De doorvoer is sterk afgenomen maar niet stilgevallen.