Newsbit
Bekijk de app
Bekijk

De Amerikaanse staatsschuld staat op het punt door de 40 biljoen dollar te breken. Dat is 40.000 miljard dollar en dat is meer dan de jaarlijkse economie van China, Duitsland, India en Japan bij elkaar opgeteld (de vier grootste economieën na de Verenigde Staten zelf).

Het heeft bijna twee eeuwen gekost om tot de eerste biljoen te komen en de laatste nog geen half jaar. Het is een serieus probleem en de obligatiemarkt staat daar de rekening voor.

Amerikaanse staatsschuld stijgt exponentieel

Op 11 augustus stond de teller van de Amerikaanse staatsschuld op 39.941.929.832.070 dollar. Er ontbreekt nog zo’n 58 miljard tot voor het eerst ooit die grens van 40 biljoen dollar wordt bereikt.

Sinds maart leent Washington ongeveer 6,5 miljard dollar per dag bij. In dat tempo staat de laatste 58 miljard er in nog geen negen dagen bij.

Omgerekend komt er elke seconde zo’n 75.000 dollar schuld bij. Bijna een heel jaarinkomen van een doorsnee Amerikaans huishouden, per tik van de klok.

De eerste biljoen aan schuld was pas op 22 oktober 1981 bereikt. Toenmalig president Ronald Reagan noemde het “een bijna onbevattelijk bedrag” en rekende voor dat een stapel briefjes van 1.000 dollar 67 mijl hoog zou zijn.

Daar waren 192 jaar voor nodig, 39 presidenten, twee wereldoorlogen en een Grote Depressie. Van 39 naar bijna 40 biljoen dollar duurde krap vijf maanden.

Reken het om naar maanden en het verschil wordt pijnlijk zichtbaar: 2.304 tegenover vijf. De schuld groeit nu ruim 400 keer zo snel als in de eerste twee eeuwen.

Diezelfde stapel briefjes van 1.000 dollar zou vandaag zo’n 2.700 mijl hoog zijn. Dat is ongeveer de afstand van New York naar Los Angeles.

Wat er sinds 1971 veranderde

Tot ver in de vorige eeuw leende Amerika vooral in oorlogstijd en loste het daarna weer af. Die knop ging op 15 augustus 1971 om, morgen precies 55 jaar geleden, toen president Richard Nixon de koppeling tussen de dollar en goud losliet.

Lenen kon onder die goudkoppeling ook, maar een uitweg was er niet. Wie zijn dollars moet kunnen inwisselen voor goud, kan zich er niet uit drukken en moet aflossen of bezuinigen.

Of de belofte breken. Dat gebeurde in de jaren dertig al een keer, en in 1971 opnieuw, toen de buitenlandse claims op Amerikaans goud de voorraad ver oversteeg.

Nixon sloot het loket. Sindsdien zit de rem niet meer op het goud maar bij de obligatiemarkt, en die vraagt een hogere rente in plaats van edelmetaal.

Tussen 1946 en het midden van de jaren zeventig zakte de schuld van 106 naar zo’n 25 procent van de economie, simpelweg omdat de economie harder groeide dan de schuld.

De ommekeer kwam in de jaren tachtig, met belastingverlagingen, hogere defensie-uitgaven en tekorten die ook in vredestijd bleven staan.

Sindsdien legt elke crisis er een laag bovenop die er nooit meer af gaat. De kredietcrisis van 2008 en de coronapandemie kostten samen biljoenen, en na afloop bleef die schuld gewoon staan.

En zo’n laag blijft geld kosten. Over crisisschuld loopt de rente jaar na jaar door, ook als de crisis allang voorbij is.

Die rentepost vreet aan de begroting. Er blijft minder over voor de rest, dus ontstaat er sneller een nieuw tekort, dat weer geleend moet worden.

Hoe groter de berg, hoe harder hij uit zichzelf groeit.

Rente kost meer dan defensie

In de eerste tien maanden van boekjaar 2026 leende de Amerikaanse overheid 1,8 biljoen dollar bij, meer dan in heel boekjaar 2025. Juli alleen was goed voor 432 miljard.

“Dat is 14 miljard dollar per dag”, zei Maya MacGuineas, president van de Committee for a Responsible Federal Budget. Haar organisatie dringt bij het Congres aan op een plan dat het begrotingstekort terugbrengt naar 3 procent van de economie.

Er komt natuurlijk ook gewoon belastinggeld binnen, maar dat dekt de uitgaven allang niet meer. Het gat wordt geleend, en een steeds groter deel van dat gat is de rente zelf.

Het Congressional Budget Office (CBO), het onafhankelijke rekenbureau van het Congres, komt voor 2026 uit op zo’n 1 biljoen dollar aan netto rentelasten. Zonder die post zou het tekort ruwweg half zo groot zijn.

In negen maanden ging al 857 miljard dollar naar rente. Dat is meer dan het complete defensiebudget en meer dan Medicare, de publieke zorgverzekering voor 65-plussers. Alleen Social Security, het Amerikaanse staatspensioen, kost nog meer.

Anders dan een oorlog of een pandemie houdt rente nooit een keer op. Hij stapelt zich op.

Omgerekend draagt elke Amerikaan zo’n 117.000 dollar mee, ruim 300.000 dollar per huishouden. De Amerikaanse staatsschuld ligt rond 124 procent van de economie.

In dat cijfer zit ook schuld die de overheid aan zichzelf heeft, zoals het spaarpotje van de sociale zekerheid. Die leningen hoeven nooit bij beleggers te worden geplaatst.

Wat de obligatiemarkt echt moet slikken, is de schuld in handen van beleggers, banken, pensioenfondsen en buitenlandse partijen. Die staat op ongeveer 101 procent van de economie.

Naar die maatstaf kijken economen, want elke dollar ervan heeft een koper nodig. Het record is 106,1 procent en dateert uit 1946, vlak na de Tweede Wereldoorlog. Volgens het CBO sneuvelt dat record binnen enkele jaren.

Na die oorlog groeide Amerika onder zijn schuldenberg uit. Een jonge beroepsbevolking, fabrieken die de oorlog ongeschonden doorkwamen en een rente die kunstmatig laag werd gehouden, deden het werk.

Dat draaiboek ligt nu in de kast. De bevolking vergrijst, het tekort zit rond 6 procent van de economie in vredestijd en Washington betaalt gewoon de marktrente.

Waarom stijgt de lange rente?

Beleggers eisen een steeds hogere vergoeding voor inflatie, onzekerheid en de vraag of een overheid haar financiën nog onder controle heeft. Daar komt bij dat er meer partijen tegelijk om geld staan te vragen, waardoor lenen sowieso duurder wordt.

De yield op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties ligt deze week rond 4,7 procent, op dertigjarige leningen zelfs op 5,28 procent. Het hoogste niveau sinds 2007.

Op zichzelf zijn dat geen extreme cijfers, want in de jaren tachtig lag de rente veel hoger. Bijzonder is het wel in een wereld die jarenlang gewend raakte aan vrijwel gratis geld.

De eerste aanjager is de olieprijs. De oorlog met Iran houdt energie duur en energie werkt door in vrijwel alle andere prijzen, dus in de inflatie waar een dertigjarige lening dertig jaar last van heeft.

Aanjager twee is de AI-investeringscyclus, die de kale prijs van geld opdrijft. Techreuzen als Microsoft, Alphabet, Amazon en Meta bouwen voor honderden miljarden aan datacenters.

Een flink deel van dat geld lenen ze op de obligatiemarkt. Ook de energiebedrijven die al die stroom moeten leveren, kloppen daar aan.

Meer vraag naar kapitaal betekent een hogere prijs van geld. Die prijs is de rente.

Nummer drie is de staatsschuld zelf. Het tekort loopt op, mede door de forse belastingverlagingen van president Donald Trump: minder belastinggeld binnen betekent meer obligaties de markt op.

Worden die niet allemaal opgepikt, dan moet de yield omhoog om alsnog kopers te vinden.

De vierde reden staat buiten Amerika: de vaste kopers haken af. Japan verkoopt staatsleningen om de yen te steunen, China ruilt treasuries stap voor stap in voor goud en de Golfstaten hebben hun oliegeld door de oorlog harder zelf nodig.

Kort en lang geld vertellen intussen een verschillend verhaal. De korte rente volgt vooral de beleidsrente van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, nu 3,5 à 3,75 procent.

Die zakte wat door lagere inflatiecijfers. Kevin Warsh, de nieuwe voorzitter, heeft daardoor minder reden om de rente snel te verhogen.

Voor de lange rente is dat geen geruststelling. Zo krijgt de inflatie juist iets meer ruimte om los te breken.

De lange rente luistert veel minder naar de Fed. Daarin zit ook de opslag die beleggers vragen voor alles wat er in dertig jaar mis kan gaan.

Die opslag heet premium. Het is in feite de prijs van wantrouwen.

En daar zit een misverstand. Beleggers vrezen niet dat Amerika zijn schulden niet terugbetaalt, ze vrezen dat de rente verder oploopt.

Dat raakt hun portefeuille direct. Een oude obligatie met een vaste coupon van 2 procent daalt in koers zodra de markt 5 procent eist, want alleen tegen een lagere prijs levert dat papier alsnog genoeg op.

De cirkel die zichzelf voedt

Hier begint de vervelendste financiële cirkel die er is. Een hoger tekort betekent meer nieuwe obligaties, en meer aanbod vraagt om meer kopers.

Willen die kopers niet vanzelf toehappen, dan moet de yield omhoog. Maar een hogere yield maakt de rentelasten groter, waardoor het tekort verder oploopt en er nog meer obligaties bij moeten.

Herfinanciering zet daar een schepje bovenop. In 2026 loopt zo’n 9 biljoen dollar aan verhandelbare Amerikaanse staatsschuld af, ongeveer een kwart van het totaal.

Al dat papier moet opnieuw worden geprijsd tegen de rente van vandaag.

Niet alles daarvan is ooit tegen 1 of 2 procent uitgegeven. Maar elke oude lening die tegen 4 of 5 procent terugkomt, tikt meteen door in de begroting.

Zo blijft een probleem jaren onzichtbaar, om ineens onder de motorkap zichtbaar te worden in de rentelasten.

Failliet gaat Amerika hier niet aan. Het land leent in zijn eigen munt en heeft nog altijd de diepste obligatiemarkt ter wereld, met de dollar als hart van het financiële systeem.

De echte test komt als Washington blijft uitgeven terwijl beleggers steeds minder happig worden op langlopend papier.

De centrale bank zou dan de enige redder zijn en komt dan voor de keuze te staan om voet bij stuk te houden om de inflatie onder controle te krijgen of de obligatiemarkt te redden wat voor alleen maar meer geldontwaarding zorgt.

Gevolgen van de hoge rente

De Amerikaanse lange rente is de basisprijs van geld en werkt daardoor overal in door. Vijf plekken waar je dat terugziet:

  • Toekomstige winst wordt minder waard. Winst van over tien jaar telt bij een hogere rente vandaag minder zwaar, en juist groei- en techaandelen leunen op beloftes die ver in de toekomst liggen. De lat komt dus hoger te liggen.
  • Goud en Bitcoin (BTC) krijgen concurrentie. Ze leveren zelf geen rente op, dus hoe meer een staatslening opbrengt, hoe duurder het wordt om ze aan te houden.
  • Bestaande obligaties dalen in koers. Wie papier met een coupon van 2 procent in de la heeft liggen, ziet dat minder waard worden zodra de markt 5 procent eist.
  • Lenen wordt duurder voor bedrijven en huizenkopers. Amerikaanse hypotheekrentes hangen rond 6,7 procent en de woningmarkt staat daardoor stil.
  • De rest van de wereld betaalt mee. Volgens De Nederlandsche Bank komt meer dan de helft van de rentestijgingen op de Europese obligatiemarkt voort uit Amerikaans begrotings- en rentebeleid.

Op Wall Street is het AI-verhaal sterker dan de hoge rentes (de S&P 500 bereikte deze week zelfs nog een nieuw record). De techreuzen brengen kwartaal na kwartaal ijzersterke cijfers op de mat, gedragen door een vraag naar AI die maar niet afzwakt.

Partnercontent

Ontvang €20 aan fysiek zilver cadeau

Investeer vanaf €100 in aandelen, ETF’s, edelmetalen of crypto via Bitpanda en ontvang €20 aan fysiek zilver cadeau. Voer de promocode NBSILVER in de app in om de bonus te activeren.

Met Bitpanda beleg je eenvoudig in duizenden aandelen, ETF’s, crypto en edelmetalen vanuit één app. Je goud en zilver worden veilig bewaard in volledig verzekerde Zwitserse kluizen en staan juridisch op jouw naam.

Sluit je aan bij 7 miljoen gebruikers en open nu gratis je account.

Let op: investeren is risicovol. Je kunt je inleg geheel of gedeeltelijk verliezen

Claim €20 gratis zilver Je wordt doorgestuurd naar Bitpanda.com
4,5

De beoordeling is berekend door de cumulatieve beoordelingen van de App Store en Google Play te combineren, gewogen op basis van het aantal recensies per platform.



Wees als eerste op de hoogte van het laatste Crypto Nieuws

musk trump

Musk steekt weer 100 miljoen in Trump: de ruzie is bijgelegd

musk trump
Brandende loods met rookwolken
ING bank
Meer Economie nieuws

Meest gelezen

Chipmachine
leopold
japan