Bitpanda: Aandelen, crypto, grondstoffen en edelmetalen in 1 app
Bitpanda: Koop aandelen,
crypto & edelmetalen
Veel beleggers denken dat hun portefeuille goed gespreid is zodra zij beleggen in een wereldwijd aandelenfonds of een brede ETF. Toch kan achter dat veilige gevoel een opvallend groot risico schuilgaan. Volgens Morningstar worden veel indexen namelijk gedomineerd door een kleine groep grote bedrijven. Daardoor kan één aandeel, één sector of één land veel meer invloed hebben op uw rendement dan u misschien denkt.
Een wereldwijd aandelenfonds klinkt als een simpele manier om risico’s te spreiden. U belegt immers niet in één land of één sector, maar in bedrijven over de hele wereld. Toch is de werkelijkheid vaak minder breed dan de naam doet vermoeden.
Veel wereldwijde indexen bestaan voor een groot deel uit Amerikaanse aandelen. De Verenigde Staten maken volgens Morningstar doorgaans ongeveer zestig tot zeventig procent uit van bekende wereldwijde benchmarks. Binnen de Morningstar Global Markets Index is dat aandeel 60,9 procent.
Daar komt nog iets bij. Een groot deel van die Amerikaanse blootstelling zit in grote groeibedrijven, vooral uit de technologiesector. In dezelfde index is de totale blootstelling aan technologie 25,6 procent. Daardoor wordt een zogenoemd wereldwijd fonds in de praktijk vaak sterk beïnvloed door dezelfde groep Amerikaanse techreuzen.
Voor beleggers kan dat verraderlijk zijn. Wie naast een wereldwijd fonds ook nog een Amerikaans aandelenfonds of een technologie ETF koopt, spreidt niet altijd beter. In veel gevallen wordt dezelfde blootstelling juist groter.
Minder beleggen in Amerika en meer in Europa lijkt dan een logische stap. Toch lost dat het probleem niet automatisch op. Ook Europese aandelenmarkten zijn op veel plekken sterk geconcentreerd.
In negen van de twintig grootste markten binnen de Morningstar Europe Index is één bedrijf goed voor meer dan twintig procent van de nationale index. Nederland is daarbij een opvallend voorbeeld. Chipmachinefabrikant ASML maakt volgens Morningstar 48 procent uit van de Morningstar Netherlands Index.
Dat betekent dat bijna de helft van de Nederlandse index afhangt van één bedrijf. Gaat het goed met ASML, dan trekt dat de index omhoog. Valt het aandeel tegen, dan voelt een belegger dat meteen terug in het rendement van een zogenoemd breed Nederlands fonds.
Ook in andere Europese landen speelt dit risico. In Denemarken is farmaceut Novo Nordisk goed voor bijna dertig procent van de nationale index. In België weegt bierbrouwer Anheuser-Busch InBev ongeveer 24 procent mee. In Zwitserland zijn Roche, Novartis en Nestlé samen goed voor ongeveer veertig procent van de index.
Daarmee ontstaat niet alleen aandelenconcentratie, maar ook sectorconcentratie. Zwitserland leunt zwaar op gezondheidszorg en consumentengoederen. Spanje en Italië hebben juist een grote blootstelling aan banken. In Noorwegen speelt energiebedrijf Equinor een belangrijke rol.
Vooral bij ETF’s die een land of sector volgen, kan concentratie een probleem worden. Een ETF volgt meestal zo nauwkeurig mogelijk een onderliggende index. Als die index zwaar leunt op één bedrijf, doet de ETF dat vaak ook.
Actief beheerde fondsen hebben in Europa meestal strengere grenzen. Onder het UCITS-regime geldt de zogenoemde 5/10/40-regel. Een fonds mag dan niet meer dan tien procent in één partij beleggen. Ook mogen posities van meer dan vijf procent samen niet meer dan veertig procent van de portefeuille vormen.
Dat beperkt het risico dat één aandeel de hele portefeuille bepaalt. Tegelijk kan het ook rendement kosten. Als een aandeel hard stijgt, moet een fondsbeheerder soms winst nemen om binnen de regels te blijven.
Indexfondsen en ETF’s kunnen soepeler behandeld worden, omdat zij een benchmark volgen. Daardoor kan de blootstelling aan één bedrijf oplopen tot twintig procent. In uitzonderlijk geconcentreerde indexen kan dat zelfs 35 procent zijn.
Voor beleggers is de belangrijkste les simpel. Kijk niet alleen naar de naam van een fonds, maar naar wat erin zit. De grootste posities, de sectorverdeling en de geografische spreiding vertellen vaak meer dan het woord ‘wereldwijd’ op de verpakking.
Nieuwe inflatiecijfers uit Europa verhogen de druk op de ECB, terwijl beleggers rekening houden met een renteverhoging binnenkort.
Nvidia investeert miljarden in technologie die het verplaatsen van data met licht in plaats van elektriciteit mogelijk moet maken.
Grayscale zou naar de beurs gaan, maar drukt nu op de pauzeknop. Daarmee volgt het andere cryptoreuzen die nu niet naar de beurs durven.
Deze topanalist van Bank of America waarschuwt voor de grootste bubbel sinds de spoorweghype van de 19e eeuw.
Crypto-analist Steph Is Crypto schetst drie scenario’s voor XRP. 1.000 XRP kan oplopen tot bijna 24.000 dollar.
Via Pakistaanse bemiddeling ligt er een conceptraamwerk klaar. Olie maakt een duik, maar het is nog geen definitieve vredesovereenkomst.